Het eerste stuk van #boek3 speelt zich af op 17 april 1945 en is gebaseerd op de aantekeningen van KeesBij deze een voorproefje ...


Wasserschutz

De Wieringermeer; een uitgestrekte vlakte met boerderijen op rechthoekige kavels, akkers vol goudgeel koolzaad en voorjaarsgroene weilanden tot aan de horizon. Een blauwe lucht. Hier en daar een kerktoren. De polder is precies zoals hij ooit bedacht is.

Het is april 1945. De Hongerwinter heeft veel mensen naar de boerderijen gebracht, uit Amsterdam, uit Haarlem, uit de dorpen eromheen, zelfs uit Rotterdam komen ze lopend, uitgehongerd, dodelijk vermoeid, om op de boerderijen soep en aardappelen te krijgen en een warm bed in het stro. Kinderen blijven wekenlang om aan te sterken. Jonge mannen duiken onder om aan de Arbeitseinsatz te ontkomen. Het kan in de Wieringermeerpolder. Er is genoeg eten, er is genoeg plaats. Het perfect ingerichte stuk nieuw Nederland, waar de oorlog geen vat op heeft kunnen krijgen.

Kees en Naan horen ’s nachts de kanonnen bulderen aan de overkant van het IJsselmeer, in Friesland. De Canadezen brengen de Duitsers steeds verder in het nauw. Het kan niet lang meer duren voordat ze via de Afsluitdijk ook de Wieringermeer bevrijden. Hoop zingt rond boven de vlakke polder; na de barre winter is het al weken mooi weer, de ondergedoken mannen werken mee op het land, de voorjaarszon kleurt de bleke wangen van de kinderen roze. De oorlog zal zonder rampspoed aan Kees en Naan voorbij gaan. Zo lijkt het.


Wordt vervolgd ...


Wieringermeer
Een oude dame sprak me aan: 'U ben toch die schrijfster?'
Ik knikte.
Ze vervolgde: 'Ik ga uw boek nooit lezen hoor, veel te eng.'

Ik snap dat wel. Ik heb ook een paar boeken die ik nooit ga lezen. Uit principe.

stapel boeken

Bovenop mijn Nooit-te-lezen-stapel liggen deze:

1. Vijftig tinten grijs. Dat vind ik nou een eng boek.

2. In de ban van de ring. Ik kan het niet: opgaan in een verhaal vol fantasyfiguren. Hongerspelen en Hobbits, nee. Harry Potter? Ja die wel, maar die bestaat toch gewoon?

3. Alle boeken van Daphne Deckers. Ze schijnt humorvolle boeken te schrijven vol zelfspot, waar ik normaal van hou, maar in haar geval... Ik wil haar boeken niet eens aanraken. Het gaat erom dat ze nooit met Richard Krajicek had mogen trouwen. Dat wilde ik.

4. Eline Vere. 125 jaar oud en een duidelijk gevalletje 'niet tijdloos'. Ik heb het geprobeerd: elke ochtend in de trein dwong ik mezelf tot een paar regels trage tekst. Nooit verder gekomen dan pagina 4. En dat lag niet aan het korte ritje.

5. Biografie├źn. Mijn eigen leven is al amper te behappen, om dan ook nog eens die van een ander erbij te krijgen. Poeh. Respect hoor, voor al die biografie-lezers.

En jij? Nog aanraders voor mijn stapel Nooit-te-lezen-boeken?
Vier maanden geleden schreef ik een blogje op een stuk papier. Midden in de nacht, doorspekt met emoties.

Een blogje over het leven en de dood.
Ingewikkelde materie.

Het papiertje lag lange tijd veilig opgevouwen onder een rommelbakje op mijn bureau. Tot gisteren. Toen publiceerde ik het blogje.

Vanochtend heb ik het blogje weggehaald van deze site, het papiertje opgevouwen en weer onder het rommelbakje geplaatst.

Dat is toch de beste plek.
Veilig.

Misschien, over een paar maanden, durf ik het wel.

Delete
Zo logisch als het hierboven staat, zo verrassend is deze ontdekking voor mij.

Ik zal mijn eenvoudig denkpatroon opbiechten: als ik een oude dame/heer zie lopen over straat, dan denk ik: 'zo'n kleur rollator heb ik niet eerder gezien,' of: 'wat een kwiek dametje/heer'. Ik denk nooit: 'Die dame/heer loopt hier nu wel met een krom ruggetje en een slakkengang maar was vijftig jaar geleden vast een ontzettend soepele danseres of succesvolle zakenman.'

Dame wandelen

Het is gewoon best lastig om in een rimpelig gelaat met witte haren de voorbije jeugd te zien.

Ik verwacht overigens ook niet als iemand de wallen onder mijn ogen en de grijze sprieten in mijn haar ziet, denkt: 'die vrouw was vast ooit helemaal de bink met haar groene Vespa Piaggio.'  

Maar goed. Nu over mijn oma.

Ik zag mijn oma zo'n drie keer per jaar. Anders dan vriendinnen die elke zondag bij hun oma op bezoek gingen - en doordeweeks ook nog hun grootmoeder zagen omdat ze bij hun in de straat woonde, bivakkeerde mijn oma op twee uur rijden van ons vandaan.
Tweede kerstdag, tweede paasdag en rond haar verjaardag in september zag ik haar.

Mijn oma droeg een bloemetjesjurk, dikke bruine kousen en beige veterschoenen met gaatjes. Ze had een vrijstaand huisje met een fikse tuin: een kippenhok, een druivenkas, een appelboom en een moestuin. Ze zei nooit zoveel, niet tegen mij in ieder geval, maar dat hoefde ook niet. Het was gewoon prima om een dagje bij haar rond te hangen.

Verder wist ik niet zo veel over mijn oma.

Tot nu.

Mijn oma was twintig in de roaring twenties. Ik vond een foto van haar uit die periode, liet verschillende kwartjes vallen en reconstrueerde haar jonge jaren.  

Vrouwen nemen in de jaren twintig – nadat er in Europa miljoenen jonge mannen zijn gesneuveld in de Eerste Wereldoorlog – meer en meer deel aan het arbeidsproces. Ze willen daarom gemakkelijke kleding dragen. 
In Noord-Brabant zijn in het begin van de jaren twintig de rokken nog lang, zeker op het platteland, maar in de stad, in Roosendaal, komt daar langzaam maar zeker verandering in. Eerst komt de roklengte nog tot de enkels, maar al snel gaat de hoogte opwaarts. Een zakachtige rok die met een band bijeen gehouden wordt is in de mode. In 1925 raakt de zoom nog net de knie, maar twee jaar later bevindt deze zich zelfs boven de knie. 
Nadat couturier Coco Chanel haar haren kort knipt in 1921, doet de hele modewereld haar na en wordt de bob-lijn de overheersende haardracht van de jaren twintig, gladgekamd en met een spuuglok op de wang. Lang haar is uit, ingewisseld door kleine hoeden die net om het hoofd passen. ’s Avonds – als het tijd is om uit te gaan – worden mooi versierde tulen haarbanden gedragen, vaak afgezet met glasparels.


Jaren twintig

De jongedame, die later mijn oma zal worden, koopt een grammofoon - zo'n platenspeler met een enorme toeter -, knipt haar haren kort, laat haar onderbenen zien en gaat uit dansen. Ze is jong, eindelijk onder het juk van haar vader vandaan, zelfstandig - want een eigen slagerij -, en zorgeloos. Ze droomt over haar toekomst, zoals elke twintiger dat doet.

Mijn oma is al 23 jaar dood, maar ik leer haar steeds beter kennen.
Daar ben ik blij om.

En ik kijk sinds kort anders naar oudere mensen. Er gaan wat verhalen verscholen achter rimpels en lichamelijke ongemakken. Dus pas maar op beste oudjes, ik zou er zomaar eens naar kunnen vragen.
'Nou, dan doen we nu het rondje goede voornemens.'

- gemompel, gezucht -

'Eerst moet iedereen zeggen of het voornemen van 2014 is uitgekomen, en dan wat het voornemen van 2015 is.'

- vragende blikken -

'Nou, wie gaat als eerste?'

- absolute stilte -

'Ik!'

- opluchting bij de 22 anderen aan tafel -

'Ik zei vorig jaar dat mijn tweede boek er ging komen, en tadaa! en in 2015 komt mijn derde boek. Simpel.'

- applaus -

Zelden smaakte champagne zo lekker.

Champagne